De grootste lol van een dieselauto is dat je goedkoop een roadtrip kunt maken. Als je dan, net als wij, gek bent op autorijden, kun je zó een goedkoop dagje uit organiseren. Voor een autotocht door België op zoek naar fotogenieke ruïnes draaien wij onze hand niet om. Gelukkig barst het in België van de ruïnes, grote kans dus dat je met mooie foto’s thuiskomt. We zijn begonnen in de ruïnes van Chateau Fort de Montaigle, in Falaën. Prachtig! Je moet de auto aan het begin van de oprit parkeren, het wandelpad aflopen, goed op de bordjes letten en een klein bedrag betalen in het piepkleine museumpje van het kasteel. Hier hebben ze trouwens een briljante fotocollectie van het kasteel door de jaren heen, zeker de moeite waard! Eenmaal in de ruïnes bleken we de enige bezoekers te zijn. Alle rust dus om de vervallen muren van alle kanten te bekijken en te fotograferen. Om andere ruïnes ook de kans te geven gefotografeerd te worden, zijn we na een uur vertrokken. Op weg naar de ruïnes van het kasteel en het versterkte dorp Poilvache, in Yvoir. Weer zo’n spannende oprijlaan. Of liever gezegd, ‘oplooplaan’. Hier was het iets drukker dan in Falaën, maar ik kreeg de indruk dat het locals waren die er regelmatig samen iets kwamen drinken. Bij de kassa (waar je zelfs chips en blikjes fris kon kopen) kregen we een Nederlandstalig informatieboek mee, met plattegrond en uitleg. De benamingen van de verschillende overblijfselen (in meer en mindere mate vervallen) waren geweldig treffend. ‘Huis met puntgevel’, niet te missen. We hebben de dag in stijl afgesloten door ons door een vriend op een heerlijk zelfgekookt typisch Vlaamse maaltijd te laten trakteren. Het stoofvlees was, in tegenstelling tot de ruïnes, niet fotogeniek, maar wat was het heerlijk!
Maand: juni 2016
Leuven
Leuven, de bierhoofdstad van België. Dat weet ik (uiteraard) alleen omdat het zo op Wikipedia staat en omdat we, iedere keer als we in Leuven zijn, een keer of zes langs de Stella-brouwerij rijden omdat we wéten dat we daar in de buurt moeten parkeren, maar altijd weer vergeten waar we ook al weer precies moeten zijn. Echt ‘bieren’ heb ik in Leuven nog nooit gedaan. Wat ik er wel heb gedaan, en waar ik ontzettend van heb genoten, is het Groot Begijnhof bezoeken. Zo’n drie hectare met interessante architectuur, te ontdekken hoekjes en doorkijkjes, details die je werkelijk waar van alle kanten kunt fotograferen en religieuze geschiedenis. Het Groot Begijnhof is in de jaren ’60 opgekocht en gerestaureerd door de Universiteit om er studenten en gastprofessoren te huisvesten. Dat idee vind ik echt geweldig; dat zo’n oud stukje stad (of liever gezegd: de ministad-in-de-stad) met zoveel geschiedenis zo liefdevol wordt opgeknapt en in de huidige tijd ‘gewoon’ gebruikt wordt. Het levert ook mooie contrasten op: prachtige oude straatjes met spiksplinternieuwe mountainbikes tegen de muurtjes. Ik denk niet dat de begijnen dat acht eeuwen geleden hadden kunnen bedenken…
Veluwe: De Hoge Veluwe
Deel 2 uit mijn trip down memory lane: Nationaal Park De Hoge Veluwe. Nog zo’n prachtig stuk natuur. De beste herinneringen daar heb ik aan de witte fietsen: als we vroeger met het gezin een dag naar de Hoge Veluwe gingen, renden mijn broertje, zusjes en ik met z’n vieren naar de kudde fietsen om de beste te claimen. Geen eenvoudige klus. De fiets die op het eerste oog het beste was (lees: optimaal wat betreft hoogte van zadel en stuur), had misschien een slappe ketting. Of het zadel stond te schuin naar voren. Of naar achteren. Of de remmen deden het eigenlijk niet zo goed. Of de handvatten zaten los. Op naar de volgende fiets dus. Zo’n tien fietsen en een kwartier later konden we dan eindelijk onderweg. Uiteraard met wind mee in het bos en wind tegen op de open stukken en hoewel ik die verdeling altijd heb vervloekt (en nog steeds want ik heb dat probleem nog altijd, echt waar) vind ik juist die afwisseling zo mooi aan de Hoge Veluwe. Ik kom er nog zo vaak mogelijk om te fietsen en te wandelen. Als ik een afspraak heb in Arnhem, probeer ik die altijd aan het begin of aan het eind van de dag te plannen zodat ik de rest van de tijd over de Hoge Veluwe kan zwerven. Met camera uiteraard. Voor degene die zich dat afvroeg: inmiddels ben ik wel wat sneller geworden in het kiezen van een fiets, meestal heb ik in twee keer proberen de juiste fiets te pakken…
Begraafplaatsen
Ligt het aan mij of zijn er meer mensen die zich net als ik compleet kunnen verliezen in fotografie op een begraafplaats? Ik voel me altijd wat macaber op één of andere manier, maar ik kom er altijd zó tot rust en ik zie er zoveel moois. Eén van mijn ‘favorieten’ is de Oorlogsbegraafplaats van het Gemenebest Reichswald Forest, in Kleef. Met 7654 graven is het de grootste begraafplaats van het Gemenebest in Duitsland. De omvang en de perfecte symmetrie van de locatie zijn indrukwekkend. Toen we nog in Haalderen woonden zijn we daar meer dan eens met camera naar toe gereden. Overigens is de oorlogsbegraafplaats in Groesbeek (daar in de buurt) ook erg mooi. We hebben daar een aantal jaar terug het graf van een onbekende soldaat ‘geadopteerd’ en als we in de buurt zijn, leggen we er nog altijd een bloem neer. Afgelopen zomer zijn we op de Amerikaanse militaire begraafplaats in Colleville-sur-Mer in Normandië geweest. Op deze begraafplaats, met uitzicht op Omaha Beach, liggen 9387 Amerikaanse soldaten die tijdens de Slag om Normandië zijn gesneuveld. Uiteraard ook hier weer kaarsrechte lijnen en een niet te bevatten hoeveelheid kruizen, maar waar ik ontzettend van onder de indruk was (en prachtige foto’s van heb gemaakt), was de buitenkant van het informatiecentrum. Donker marmer tot de rand gevuld met water, omgeven met scherp contrasterende witte kiezels. Wanneer je de foto vanuit de juiste hoek en vanaf de juiste hoogte neemt, lijkt het net alsof het water in het marmeren reservoir overgaat in het water van Omaha Beach. Een indrukwekkende entree van een indrukwekkende plek. Tot slot heb ik bij de collectie hieronder een aantal foto’s toegevoegd van een piepklein begraafplaatsje ergens in Zwitserland. Tijdens een roadtrip ontdekten we dit plekje compleet bij toeval. We volgden een toeristenbordje met een kasteeltje erop en ik had gerekend op een ruïne, maar we vonden iets veel mooiers. Veel bloemen, veel beestjes, veel zon, veel kleur… Veel foto’s dus. Ik kan iedereen die mijn liefde voor fotograferen op begraafplaatsen deelt aanraden er ook eens een kijkje te nemen, maar ik zou echt niet meer weten waar het was…